|
Verboden vriendschap
Inleiding
In mijn persoonlijke leven heb ik ervaren hoezeer men over het algemeen
gekant is tegen intieme relaties tussen volwassenen en minderjarige
kinderen. Ik ben erg op een bepaald soort kinderen gesteld. Ik hou van
mensen, en dus ook van kinderen, die net als ik zelf proberen open en
kritisch in het leven te staan, en niet vanuit bekrompen dogma's allerlei
positieve dingen uitsluiten. Aldus raakte ik enige tijd geleden erg
gecharmeerd van een negenjarig meisje dat deze eigenschappen in ruime mate
bezat, en bovendien erg menselijk, begaafd en intelligent was. De
aantrekking was wederzijds, en doordat we heel eerlijk met elkaar
omgingen, staken we dat niet onder stoelen of banken, maar liefkoosden
elkaar in het openbaar, praatten honderduit, schreven elkaar brieven, en
deden allerlei leuke dingen met elkaar. We hadden geen van beide de
behoefte of neiging om specifiek seksuele dingen met elkaar te doen, maar
waren ook op dit gebied erg open tegenover elkaar.
De ouders in kwestie, mensen met wie ik al jaren bevriend was, zagen vanaf
het eerste begin echter absoluut geen heil in de relatie en probeerden
haar op alle mogelijke manieren te saboteren. Eerst ging dit nog bedekt,
met "wijze lessen" gericht aan de dochter, maar later werd het
steeds harder aangepakt. Ik werd op allerlei lage manieren aangevallen en
kreeg nauwelijks de kans om mij te verdedigen. Op die punten waarop ik
door toeval nog wel de kans kreeg, en ze moesten toegeven dat het nergens
op sloeg wat ze allemaal tegen de relatie inbrachten, kwamen later weer
even hard dezelfde beschuldigingen terug. Het was een afschuwelijke
vicieuze cirkel, die de hele relatie van buitenaf verzuurde en uitholde.
Sindsdien behandelen de ouders mij (voor mijn gevoel) als een soort
crimineel, die blij mag zijn dat hij niet veel zwaarder gestraft is en die
hun dochter geestelijk belast zou hebben.
Tijdens de hele tragedie heb ik allerlei fasen doorgemaakt. Eerst verzette
ik me met hand en tand tegen alle pogingen om de in mijn ogen en die van
het meisje volstrekt positieve vriendschap te ondergraven. Toen de breuk
niet meer te vermijden was, voelde ik me erg verward en heb ik zelfs
getwijfeld aan mijn eigen onschuld en geestelijke gezondheid, ook al omdat
ik een paar goed boos was geworden op de ouders in kwestie. Na een
gewetensonderzoek heb ik ingezien dat me dat zuiver aangepraat was, en
kwam er een heleboel verdriet boven. Nu, in de huidige situatie, ben ik
tenslotte zover om de relatie met het meisje weer als mooi en goed te
zien, en probeer ik een bijdrage te leveren aan de emancipatie van
positieve relaties tussen volwassenen en kinderen. Al meer dan 7 jaar
blijf ik het meisje in kwestie overigens erg missen en ik hoop dat we ooit
weer echte vrienden worden van elkaar.
Depersonalisatie
Wat mij het meest is opgevallen in de persoonlijke hetze die ik zelf heb
doorstaan, is dat men helemaal niet meer geïnteresseerd is in de
persoonlijke gevoelens van de betrokkenen. Er is een oordeel geveld,
letterlijk een vooroordeel, en dat bepaalt verder alles. Wat het kind ook
moge zeggen, het is allemaal illusie en een kwestie van misleid zijn. Wat
de volwassene ook moge zeggen, het is allemaal rationalisatie en
vergoelijking.
Zo wordt wat aanvankelijk een bron van intimiteit en uiterst persoonlijke
gevoelens was, een afschuwelijk voorwerp van onpersoonlijke vooroordelen
voor kind en volwassene. Al het persoonlijke wordt er vanaf gehaald: Het
arme kind is gewoon kwetsbaar en eenzaam geweest en dus kun je het die
illusie niet kwalijk nemen, het voelde niets voor de specifieke volwassene
in kwestie, maar had gewoon aandacht nodig van leeftijdgenoten of ouders.
De volwassene moet gewoon eens een gezonde normale relatie met een andere
volwassene aangaan, een keertje lekker vrijen, dan gaat al die waanzin van
zelf wel over. Hij was immers ook niet geïnteresseerd in de persoon van
het kind, maar gebruikte haar puur als ziekelijk surrogaat.
Dit is wat ik het ergste heb gevonden van mijn eigen ervaringen: Niet alle
leugens en verdenkingen, maar de depersonalisatie van de relatie, de
vervreemding van al het goede en mooie wat er was. Wat eens een
onschuldige, oprechte band was tussen dit specifieke ruimdenkende kind met
een naam en persoonlijkheid, en een al even ruimdenkende volwassene,
eveneens met een naam en persoonlijke achtergrond, wordt opeens
voorgesteld als het misbruik door een gestoorde gek (die daartoe ook nog
eens gereduceerd wordt) van een volstrekt willekeurig slachtoffer.
Zo wordt op ultieme wijze ontkend dat de vriendschap ooit bestaan heeft.
Een geschiedvervalsing die vergelijkbaar is met het ontkennen van het
bestaan (hebben) van een bepaalde persoon, zoals in dictaturen
gebruikelijk is. Voor verdriet is dan ook geen plaats en het moet via
"genezende" therapieën als pure dwaasheid worden
weggeredeneerd. In handboeken lezen we zo over het "subjectieve"
leed dat volwassenen in dit soort relaties na verstoting doormaken, alsof
leed ooit anders dan subjectief zou zijn, en dit "subjectieve
leed" dus niets natuurlijks of vanzelfsprekends zou hebben.
Als lezers zich kunnen herkennen in het bovenstaande, zou ik graag met hen
corresponderen om te kijken wat er gedaan kan worden om het
maatschappelijke klimaat toch ooit nog eens te verbeteren op dit gebied.
Drs. Titus Rivas
trivas@dds.nl
(Dit stuk is in 1994 verschenen in het radicaal-linkse blad Nieuwmens dat
zich specialiseerde in seksuele hervorming. Ik heb het hier slechts op
onbelangrijke details stilistisch aangepast. Overigens is het niet bedoeld
als persoonlijke aanval op de ouders van het meisje (ik noem immers ook
geen namen), maar als getuigenis van een tragedie. Indien de ouders na
lezing van dit stukje constructief contact met me op willen nemen, is dit
wat mij betreft nog steeds mogelijk. Onrecht is er om rechtgezet te
worden. Haat om omgezet te worden in menselijkheid.)
|