|
Mogelijke bronnen van afwijzing van vrijwillige en
onschadelijke intieme vriendschappen tussen kinderen en volwassenen
buiten het eigen gezin
Vrijwillige intieme relaties tussen volwassenen en kinderen die geen
(pleeg)familie van hen zijn stuiten nog steeds op een muur van onbegrip,
walging en zelfs haat. Dit alles is te terug te voeren tot bewuste en
onbewuste opvattingen rond zulke relaties. Maar waar berusten die
negatieve opvattingen nu precies op? In dit stukje wil ik enkele bronnen
noemen waar de ideeën in kwestie uit voort kunnen komen.
1. Misbruik-hysterie
De meest voor de hand liggende bron van misvattingen rond relaties
tussen volwassenen en kinderen is natuurlijk gelegen in de uit de hand
gelopen paniek rond misbruik. Zoals altijd gebeurt bij hetzes, wordt een
veel te ruim criterium gebruikt om mogelijke daders tijdig in hun kraag
te kunnen vatten. Net zoals alle zigeuners vroeger (en soms ook nu nog)
voor dieven werden aangezien, omdat er inderdaad nog wel eens dieven
tussen zaten, zo wordt een ieder met amicale en/of erotische gevoelens
jegens kinderen, aangezien voor een misbruiker of een kinderlokker,
omdat er wel eens zo'n dader onder de groep als geheel zit. Er is dan
sprake van een te ver doorgevoerde, stereotype generalisatie van een
malafide minderheid binnen een groep mensen met gemeenschappelijke
kenmerken, naar die groep als geheel toe. Het macabere daarbij is
natuurlijk dat er een irrelevant kenmerk van de groep als geheel wordt
aangezien voor een bewijs van criminaliteit. Zoals een zigeunerin geen
dievegge is doordat zij een zigeunerin is, zo is een volwassene die van
kinderen houdt geen misbruiker doordat hij of zij van kinderen houdt. Er
is geen enkel logisch verband tussen het (etnische) zigeuner-zijn en het
stelen, en zo is er ook geen enkel logisch verband tussen houden van
kinderen en misbruik. Een simpel inzicht, maar in de praktijk blijkbaar
toch erg moeilijk voor de meeste mensen.
Vooroordelen ontstaan zoals gezegd door een te ver doorgevoerde
generalisatie, en ze worden daarbij versterkt wanneer er traumatische
dingen gebeuren of lijken te gebeuren. Via de juiste propaganda kan men
mensen opzwepen om in iedereen het vleesgeworden kwaad te zien. Dat
weten we maar al te goed van de heksenprocessen, van de jodenvervolging
en van de moordpartijen tussen Hutu's en Tutsi's in Ruanda. Hoe groter
de hysterie, des te sterker de propaganda, en des te minder men voor
rede vatbaar wordt: een vicieuze cirkel.
2. Formalisme in relaties
Een volgende bron van afkeuring van relaties met kinderen heeft te maken
met wat ik "relationeel formalisme" zou willen noemen. Ik
versta hieronder dat veel mensen geneigd kunnen zijn om relaties niet
primair aan persoonlijke kenmerken en de kwaliteit van de persoonlijke
verstandhouding te toetsen, maar aan formele voorwaarden waaraan die
relaties zouden moeten voldoen. Het gaat om het indelen van mensen op
basis van uiterlijk vaststelbare, formele kenmerken, en die indeling
wordt dan gebruikt als toetssteen voor relaties.
Hoe meer mensen primair als mannen en vrouwen, volwassenen, jongeren en
kinderen worden beschouwd in plaats van als unieke, onvervangbare
personen, des te sterker zullen deze in feite formele kenmerken
meetellen als toetssteen voor relaties tussen mensen. Een voorbeeld is
hoe men in mediterrane gebieden als (delen van) Spanje, van oudsher
omging met relaties tussen mannen en vrouwen. Deze waren vaak heel sterk
geformaliseerd. Bij een feest werden vrouwen en mannen bijvoorbeeld
geacht volledig gescheiden van elkaar te zitten, alleen met de eigen
geslachtsgenoten te praten, en zich daarbij zo volledig mogelijk te
beperken tot "geslachtsgebonden" onderwerpen, zoals sport
(mannen) en het huishouden (vrouwen).
Dit soort formele relationele criteria komen misschien vreemd over op
een westerling, maar reken maar dat ze ook nog steeds geregeld een grote
rol spelen in de westerse wereld. Dit zien we bijvoorbeeld weerspiegeld
in de wens om homoseksuele relaties toch weer te willen vertalen in
formele parallellen van heteroseksuele relaties, met een soort
"mannetjes" en "vrouwtjes". Maar ook bijvoorbeeld
hoe men tegenover relaties tussen jonge volwassenen en bejaarden staat.
Ik heb zelf bijvoorbeeld jaren vriendschappelijk contact gehad met een
bejaard echtpaar, op basis van gelijkwaardigheid, en daar werd door veel
leeftijdgenoten van mij heel vreemd tegen aan gekeken. Er zit een
formeel criterium achter dit soort reacties, een idee dat er iets niet
klopt. Niet omdat men de concrete relaties kent en inhoudelijk tekort
vindt schieten, maar omdat men een (impliciet) wereldbeeld heeft waarin
mensen van verschillende formele categorieën geacht worden op
specifieke manieren met elkaar om te gaan of domweg helemaal niet met
elkaar om te gaan. Vriendschappen van volwassenen met kinderen zijn
volgens veel formalistische opvattingen over relaties altijd
afkeurenswaardig, omdat ze de formele grenzen "schandalig"
overschrijden. Ze doorbreken de orde, het wereldbeeld. Volwassenen die
intiem bevriend zijn met kinderen zijn daarom op zijn minst sociaal
gestoord volgens deze opvattingen en ze moeten dan geholpen worden zich
de formele "regels" beter eigen te maken, of ze zijn egoïstische
rebellen die uit pure vernielzucht de wereld op zijn kop willen zetten,
en die daarmee de veilige zekerheden bedreigen.
Ik herinner me de volgende scène uit mijn eigen leven. Tijdens mijn
verjaardagspartij enkele jaren geleden met voornamelijk volwassen gasten
had ik ook twee jonge meisjes uitgenodigd, met wie ik feitelijk een veel
betere en closere band had dan met de meeste volwassenen. Ik probeerde
iedereen zoveel mogelijk aandacht te schenken en daarbij vooral ook de
kinderen niet te vergeten.
Op een gegeven moment was er een(volwassen) vriend binnengekomen met een
zelfgemaakt schilderij. Ik vroeg mijn twee vriendinnetjes, die zich op
dat moment stierlijk verveelden, om dit schilderij voor mij met een
spijker op te hangen aan de muur. Tot mijn grote verbazing wond dit de
kunstenaar enorm op. Hij werd bijna echt razend op mij, omdat dit zo
"abnormaal" was. Ik had als man duidelijk persoonlijke
aandacht getoond voor de kinderen (formele fout 1), ik had ze bij de
centrale activiteit betrokken (formele fout 2), en bovendien had ik hen
als meisjes en "mannentaak" opgedragen, namelijk het in de
muur slaan van de spijker (formele fout 3). Er viel niet te praten over
dit voorval met genoemde persoon.
Het macabere van formalisme is dat het mensen in hokjes duwt en
reduceert tot rollen. Het is de ultieme vorm van knechting van
individuen. Tegelijkertijd is het echter de basis voor een
conventionele, conformistische maatschappij, waarin mensen een gedachteloos
maar comfortabel leven denken te kunnen leiden. Het aantasten van
formele pijlers van de samenleving roept daarom enorme agressie op. Het
is alsof je heilige waarheden naar beneden haalt.
Hoe ver dit kan gaan, toont een krantenbericht aan dat ik pasgeleden heb
gelezen. Er stond in dat enkele mannen een vrouw zwaar hadden
mishandeld, toen zij het waagde om openlijk in een café te biljarten.
Dit
was zo'n "heiligschennis" voor de mannen, dat de vrouw er
flink voor moest boeten.
3. Formele seksuele normen
In het verlengde van het formalisme in relaties ligt het verschijnsel
formele normativiteit in de seksuologie. Van oudsher, bijvoorbeeld bij
Sigmund Freud en diens psychoanalyse, beschouwt men alleen de heteroseksuele
coïtale seksualiteit als psychisch gezond, en alle andere soorten seksuele
voorkeur als meer of minder pathologisch (men zou als het ware blijven
hangen in een fase van seksuele ontwikkeling richting de uniforme norm,
of naar een vroegere fase in die ontwikkeling zijn teruggekeerd). Net
als bij formalisme in relaties staat hierbij een uiterlijk,
onpersoonlijk criterium centraal. Het gaat er dan dus niet hoe om men de
seksualiteit als persoon van binnenuit beleeft, nee het gaat erom of men
bij de seksualiteit aan formele, onpersoonlijke normen voldoet of niet.
Hoe plezierig en positief de betrokkenen zelf intieme relaties tussen
volwassenen en kinderen daarom ook mag ervaren, zij zijn altijd
onvolwaardig omdat ze formeel niet aan de seksuologische norm van
volwassen coïtus voldoen. De normatieve formalistische seksuologie
speelt overigens natuurlijk niet alleen de relaties tussen volwassenen
en kinderen parten, maar in feite alle vormen van "afwijkend"
erotisch en seksueel gedrag, inclusief zelfs seksuele onthouding.
4. Beschouwing
Als ik gelijk heb met bovenstaande analyse, is de afkeer van relaties
tussen volwassenen en kinderen niet helemaal reduceerbaar tot de
misbruikhysterie. Het is zeker de belangrijkste hinderpaal voor de
emancipatie van relaties tussen volwassenen en kinderen. Maar op een
dieper niveau bestaan er volgens mij formalistische, onpersoonlijke
opvattingen over relaties en seksualiteit die maken dat men relaties
tussen volwassenen en kinderen alleen maar als een inbreuk op de goede
orde kan beschouwen, d.w.z. als een ziekte of een misdaad.
De emancipatie op dit gebied zal op den duur vooral daartegen gericht
moeten zijn. Ik denk dat dit gebeuren moet binnen de ruimere context van
een andere visie op relaties en seksualiteit, een visie waarin het
individu en diens subjectieve beleving centraal staat, en niet diens
formele kenmerken. Met andere woorden, de emancipatie van relaties
tussen volwassenen en kinderen is niet los te zien van een grotere
personalisering van de maatschappij. Zij is in die zin inherent verwant
aan radicale politieke stromingen als het libertair socialisme en
anarchisme. Maar ook bij gematigdere bewegingen als de sociaal-democratie
en sociaal liberalisme zijn aanknopingspunten te vinden. De
conservatieve, totalitaire en (dogmatisch-) confessionele bewegingen
daarentegen zullen door hun sterke formalisme waarschijnlijk wel altijd
tegen relaties tussen volwassenen en kinderen gekant blijven. Hoe
rechtser immers het maatschappelijke klimaat, des te groter het taboe op
het afwijkende en onconventionele, zeker als het om zoiets
"schandelijks" en "ongehoords" als relaties tussen
volwassenen en kinderen gaat. Hoe vrijer en authentieker mensen in het
algemeen mogen leven en daarbij ook beschermd worden tegen intolerantie,
des te meer kans relaties tussen volwassenen en kinderen zullen krijgen.
Die zijn in die zin niet in de laatste plaats een politieke issue.
Drs. Titus Rivas
trivas@dds.nl
Deze paper werd eerder gepubliceerd in een nieuwsbrief van een werkgroep
van de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming (NVSH).
|